Some words at the public hearing against Zwarte Piet in Amsterdam

Guest post by Patricia Schor

The Sinterklaas parade is the biggest annual festivity for children in Dutch cities, by mid November, when the wise old white man Sinterklaas arrives on land joined by his blackface servants, the Zwarte Pieten. A crowd of adults and children wait anxiously on the passing of Sinterklaas and his jolly black servants, carrying burlap bags filled with sweets and presents. In 2012 the Sinterklaas parade in Amsterdam included more than 700 Zwarte Pieten.

In 2013 Quinsy Gario filed a complaint against the permit the municipality had given to the Sinterklaas parade in the city of Amsterdam, due to the racist character of Zwarte Piet, and urged others to do the same. I was one of the 20 other persons that responded to this appeal. On October 17, we were requested to attend a public hearing in the City Hall of Amsterdam, whereby each of us was invited to elucidate our individual complaints to an official Committee of Legal Affairs that would decide on the case.

At the hearing I read aloud the text that follows. Egbert Alejandro Martina kindly revised the English version of the text. Jan Michiel Aeilkema kindly revised the original text in Dutch, further down.

Honourable Secretary of the Committee, ladies and gentlemen,

For 20 years already there has been fairly accessible academic literature published on the racist character of Zwarte Piet. For even a longer time, the black Dutch objected to the presence of this caricature in the public Sinterklaas parade.

I thank you for having invited me to expound on my complaint.

I stand here before you as a Dutch citizen, as an academic, as a Jew and as a mother.

Children are innocent, but adults should know better. Children are easily influenced. They observe intently what we offer them; they internalise and reproduce ideas that are widespread in society.

Zwarte Piet, as it is known, is a racial stereotype of the black servant, which was added in the XIX century to the much older Sinterklaas tradition. The XIX century was the pinnacle of colonial imperialism and scientific racism. The Netherlands played an important role as colonial ruler and trader in the trans-Atlantic slave trade. In those days, there was another racial stereotype being circulated widely in Europe, that of the Jew.

Today, it would be unthinkable to find the stereotype of the Jew, the greedy Jew, in a majestic children’s festivity organized under the auspices of the municipality of Amsterdam. Not even in the guise of a lovely funny Jew, or, perhaps, the mischievous Jew, but without the big nose, or, say, with the nose but without the moneybag. We all agree that a racial stereotype is not good, and we especially do not want to pass it on to the next generation. Condoning said stereotype would send out a wrong message to both Jewish and non-Jewish children in the world. That applies, or it should apply, to all racial stereotypes, and thus also to Zwarte Piet, the infantile black, servile to the wise white man.

It certainly has not escaped you that racism exists in the Netherlands. The recent report from the Council of Europe gives a good account of the current state of affairs. In the current state of affairs the belittling and offending of the black Dutch does not seem out of place, mainly due to the obdurate attachment to a racist caricature in the most important children’s festivity in the Netherlands. What kind of message are you imparting to black and white children? The municipality has the responsibility to protect minorities, even when this displeases the majority. This is not only a constitutional right of citizens and the duty of the government; it is a question of moral and ethics.

Amsterdam must send out an unambiguous signal to its citizens that racism will not be tolerated in our wonderful and diverse city. Sinterklaas must be a good and enjoyable children’s festivity, and thus without Zwarte Piet.

Thank you.

Patricia Schor, City Hall Amsterdam – October 17 2013

Geachte Secretaris van de Bezwarencommissie, dames en heren,

Al ruim 20 jaar is er vrij toegankelijke wetenschappelijk literatuur over de racistische inhoud van Zwarte Piet. Al langer maken zwarte Nederlanders bezwaar tegen de aanwezigheid van deze karikatuur in het openbare Sinterklaasfeest.

Ik dank u voor de uitnodiging om mijn bezwaarschrift toe te lichten.

Ik sta hier als Nederlandse burger, als academicus, als Jood en als moeder.

Kinderen zijn onschuldig, maar volwassenen horen het beter te weten. Kinderen zijn beïnvloedbaar. Zij kijken aandachtig naar wat wij ze aanbieden; ze internaliseren en reproduceren ideeën die wijd verspreid zijn in de maatschappij.

Zwarte Piet, zoals bekend, is een raciale stereotype van een zwarte knecht, die pas in de XIX eeuw zijn intrede deed in de veel oudere Sinterklaas traditie. De XIX eeuw was de hoog tijd van koloniaal imperialisme en wetenschappelijk racisme. Nederland speelde een belangrijke rol als koloniaal heerser en handelaar in de trans-Atlantische slavenhandel. Ook toen was er een andere raciale stereotype, dat van de Jood, zo een beetje overal te zien en te spelen in Europa.

Vandaag de dag zou het ondenkbaar zijn de stereotype van de Jood, de gierige Jood, te vinden in een majestueus kinderfeest gehouden met de goedkeuring van de gemeente Amsterdam. Zelfs niet als een lieve grappige Jood, of de gierige Jood maar dan, misschien, zonder de grote neus, of met de neus maar zonder de zak geld. Wij zijn het er mee eens dat een raciale stereotype niet goed is, en dat willen we vooral niet doorgeven aan de nieuwe generatie. Dat zou een verkeerd beeld van de wereld geven zowel aan Joodse als aan niet-Joodse kinderen. Dat geldt, of het zou moeten gelden, voor alle raciale stereotypen, en dus ook voor Zwarte Piet, de infantiele zwarte, dienstbaar aan de wijze witte man.

Het is uw zeker niet ontgaan dat racisme bestaat in Nederland. Het kersvers rapport van de Raad van Europa geeft een goed beeld van de huidige stand van zaken. In deze context past het ridiculiseren en beledigen van zwarte Nederlanders, mede door het verkrampte vasthouden aan een racistisch karikatuur als onderdeel van het Nederlandse kinderfeest bij uitstek. Wat voor een boodschap geef je aan zwarte en witte kinderen hiermee? De gemeente heeft de verantwoordelijkheid minderheden te beschermen, zelfs als dat niet in de smaak van de meerderheid valt. Dit is niet alleen een grondwettelijk recht van burgers en een taak van de overheid, het is een kwestie van moraal en ethiek.

Amsterdam hoort een ondubbelzinnige signaal te geven aan haar burgers dat racisme niet getolereerd wordt in onze prachtige en diverse stad. Sinterklaas moet een goed en leuk kinderfeest worden, en dus zonder Zwarte Piet.

Dank u wel.

Patricia Schor, Stadhuis Amsterdam – Oktober 17 2013

Advertisements